You are hereAnna-Jacobapolder

Anna-Jacobapolder


By Rob Naaijkens - Posted on 26 January 2012

Datum # Leden Route Afstand Chauffeur Ritkapitein
17 Jun 32 leden Anna-Jacobapolder 72 KM RobNaene RenzoLev
WeekendNr Weer Temp Windrichting Windkracht
1224 Half bewolkt 19 C ZW 5

VEEL WIND EN JEUGDIG TALENT!

Foto's van deze rit vind je hier!

De rit van vandaag kenmerkte zich door een hele puist met wind en een overwinning van één van onze jonge, nieuwe, talenten. (Nee Richard, we bedoelen niet jou!)

Iets na negen vertrekken we deze mooie zondagochtend met 31 fietsende leden vanaf de Boulevard richting St Anna Jacobapolder. In de bus zit vandaag Rob Naenen om ons door een winderige dag heen te loodsen. Het is nog steeds wisselvallig weer in onze regio. Vannacht heeft het weer geregend maar gelukkig zijn de wegen om 9.00 uur al weer opgedroogd, dit mede door een strakke wind uit het zuid westen!

Net als vorige week zijn we ook deze rit weer te gast op Tholen. Via Notendaal en Vossemeer rijden we richting de meest noordelijk brug over het Schelde-Rijn-Kanaal. Vanaf hier rijden het meest noordelijke schiereiland van Tholen op. Ten noorden van de krabbenkreek waar we vorig week nog aan de zuidkant langsreden. Tot nu toe hebben we de wind voornamelijk in de rug. Ondanks dat de wind echt stevig waait wordt de snelheid vooraan netjes in toom gehouden. Het lukt Renzo als ritkapitein alle enthousiastelingen voldoende af te remmen terwijl voorzitter René weer veel werk tegen de wind in op kop verricht. Ook de rood-wit-blauwe trui van Michel is, zoals vaker, veel op de eerste rijen waar te nemen. Excuses aan allen die ik nu vergeet maar vandaag heb ik te ver achterin gereden om goed te kunnen zien wie er aan het buffelen waren. Maar jullie zijn gewaardeerd, zeker gezien de stevige wind tegen op sommige stukken!

Hier is men ook aan de weg aan het werken. Dat is de reden dat de bus ons even niet kan volgen. In st Philipsland zal hij weer bij ons aansluiten. Even later rijden we via de Slaakdam al weer zuidwaarts om ons op te maken voor de finales. Het is vandaag een relatief korte rit van 'maar' 72 kilometer zodat iedereen nog volop van Vaderdag kan genieten wanneer men dat wil! De wind staat hier zodanig dat het voor het eerst echt zoeken is oor een goed plekje uit de wind. Gelukkig gaat dat allemaal goed ook al dreigde even een valpartij door een zwabber van Lars. Op wat mensen die de berm in moesten na liep dit allemaal zonder kleerscheuren af gelukkig.

Even later rijden we weer het kanaal over en wordt er gesplitst. Net als een week eerder is het tempo bij de A dan al hoog. Met de wind schuin in de rug koerst een groot peloton A-rijders in de richting van de Heense Molen, het startpunt van de finale. Met het opdraaien van het fietspad is het vrij en kan iedereen naar hartenlust demarreren. Maar net als vorige week blijft het rustig. Het valt niet stil maar om nu te zeggen dat het hard gaat? Zodra het fietspad overgaat in een ventweg en er wat meer ruimte ontstaat zoek ik de ruimte om op te schuiven. Na enige tijd ben ik bijna vooraan en besluit ik voor mezelf dat het tijd wordt om de wedstrijd alvast maar hard te gaan maken. Al snel trek ik de snelheid tot ruim boven de 50 omhoog. Ik ben ook erg blij dat Roy, zijn naam komen we verder op weer tegen!, er blijkbaar hetzelfde overdenkt en mijn eerste aanzet stevig overneemt! Helaas was het juist een familielid van mij die in tweede wiel het tempo weer laat terugvallen, hij was niet de enige vandaag.

Het nivo in de groep is overigens erg hoog. Ondanks alle inspanningen rijden we bij het keerpunt de Zwarte Ruiter met nog steeds een bijna voltallige groep. Toch moeten volgens mij een aantal renners nu al tegen hun maximum aanzitten, schat ik in. Daarom besluit ik al vrij snel, nu met de wind recht op kop, om het maar weer eens te proberen. Net als vorige week is het Charl die zeer attent rijdt en met z’n tweeën rijden we even later iets voor de groep uit. Er is een bescheiden gat en Charl geeft aan er wel wat van te willen maken. Dus gaan we kop over kop rijden om te kijken wat er gebeurt. Met deze wind is het eigenlijk gekkenwerk om met slechts twee man aan de haal te gaan, zeker gezien de kwaliteit die zich in de achtervolgende groep bevindt. Ik ben dan ook best positief gestemd wanneer ik vanuit het achterveld opeens een enkeling ontwaar die probeert de overstap te maken. Ik hoop dat het Roy is omdat ik hem liever bij ons in de kopgroep zie dan op kop van het pelotonnetje achtervolgers! Maar aan het postuur te zien is het toch iemand anders. Charl en ik rijden nu niet meer volop door maar wachten even. Na enige tijd lukt het de dappere renner inderdaad om de aansluiting te maken maar helaas is het kaarsje dan ook uit. Even baal ik en vraag mezelf af waarom iemand al die energie in een achtervolging steekt om vervolgens niet mee te draaien. Het resultaat is in ieder geval dat wij vooraan even niet weten wat we aan deze derde man hebben. De carrousel hikt even en dan worden we weer ingelopen. Achteraf hoor ik van Charl dat het Mark was.

Wie overigens nu denkt dat het inlopen van de kopgroep het startsein was voor andere noeste renners met ambities, komt bedrogen uit. Zoals het hele seizoen al de strijdwijze (of eigenlijk het ontbreken daar aan) is, sluit men ‘gewoon’ achteraan aan en houdt de benen stil. Eind van het liedje is dus dat ik nog steeds op kop rijd? Dus versnel ik maar weer en weer is het Charl, en Charl alleen, die attent is. Weer rijden we met z’n tweeën op kop. Hoewel het beste erbij dan wel af is krijgen we toch weer een gaatje. En dat lag echt niet aan het formidabele rijden van Charl en ik! De enig mogelijke conclusie is dat men achter ons nog belabberder rijdt. Op dat moment vraag ik me af waarom men bij een training bij de Tol of op de woensdagavond bij de club wel door kan en wil rijden, terwijl bij de A-finales telkens weer veel leden de kat uit de boom kijken en volkomen apathisch rond kachelen?

Deze tweede poging loopt al snel stuk, voornamelijk omdat ik nog geen mogelijkheden heb gehad om even op adem te komen. We zijn dan al de kruising waar de B-finale de Rubeerdijk opdraait voorbij en eindelijk komen andere poppetjes aan het venster. Het is, uiteraard zou ik zeggen, Rob Naaijkens die het nu probeert terwijl oa René, jan Kees, Roy en Perry reageren. Daarachter moet ik even aanzetten om in het gat te duiken. Deze poging is ook al weer snel ten einde terwijl de Rubeerdijk ook bijna afgerond is. Vlak voordat we linksaf draaien en eindelijk van de vervelende tegenwind verlost zijn is het wederom Rob die aangaat. Hij heeft dus in het begin zich koest gehouden maar gaat alsnog proberen de fik erin te steken. Jan Kees zit goed vooraan en ik laat in derde positie een gaatje vallen om te kijken of deze nieuwe kopgroep kans van slagen heeft.

In eerste instantie reageert, zoals verwacht, niemand en kunnen Rob en Jan Kees uitlopen met de wind schuin van achteren. Het is uiteindelijk René die zich op kop nestelt en met een zware versnelling het gat langzaam dicht. Vlak voor de chicane geven de koplopers zich gewonnen en voor ik het weet zit opeens ik weer op kop. Maar de kracht is weg. Wanneer in de volgende bocht Roy het hazenpad kiest zie de bui al hangen. René, Jan Kees en in mindere mate Charl gokken blijkbaar op een eindsprint of kunnen niet meer. Het resultaat is dat Roy snel een mooie voorsprong op bouwt. Het is voor mij onbegrijpelijk dat men niet direct reageert. Roy liet aan het begin van de finale al zien dat hij in goede vorm is en heel hard kan rijden. Zo iemand mag je zo kort voor de streep toch niet zoveel ruimte gunnen?

Het is de verdienste van Roy dat hij stand houdt want achter hem werd uiteindelijk toch nog goed doorgetrokken. Maar het was te laat en dus ging het alleen nog maar om de tweede plek achter de winnende Roy die door Jan Kees werd opgeëist. Rob Naaijkens wordt derde. Ikzelf had blijkbaar weer wat reserves kunnen opbouwen want toch nog vrij gemakkelijk weet ik de sprinters voor me bij te houden. Het is Charl die me net voor de streep nog passeert vierde wordt. Voor mij dus een vijfde plek en toch al met al flink wat voldoening omdat ik me lekker heb kunnen uitleven onderweg!

Daan.